Ben jij niet hetero dan?

Vandaag is het #ComingOutDay. De afgelopen jaren dacht ik elke keer op deze dag: zal ik er ook maar eens iets over zeggen dan? En telkens doe ik het niet: ach, laat maar. Nu doe ik het toch – niet omdat ik mijn verhaal nou zo interessant vind, maar omdat het jullie misschien iets leert of je inspireert. En dat is veel waard.

Ook vandaag kom ik niet echt uit de kast, want voor m’n gevoel heb ik nooit echt in een kast gezeten. Of nouja, jawel. Voor mezelf.

Ik nam namelijk altijd aan dat ik hetero was, want ik vond jongens aantrekkelijk. Vond ik meisjes ook leuk? Mwah, neh, misschien? Soms? Ik was iemand die altijd bang was haar echte eigen mening te vormen en uiten. In plaats daarvan nuanceerde ik mijn mening in de richting van mijn omgeving. En die was altijd heteronormatief. Daardoor stond ik weinig stil bij die vragen over m’n geaardheid.

Nu besef ik: in een heteronormatieve omgeving was voor mijn gevoel geen ruimte om het antwoord op deze vragen te ontdekken. En al mijn omgevingen waren heteronormatief (vaak zelfs homofoob): school, universiteit, vrienden, familie… allemaal. Als ik eens iets zei dat ook maar in de richting van “vallen op een meisje” ging, werd ik gek aangekeken, of niet serieus genomen. En dan dacht ik: haha ja het zal ook wel, wat ouwehoer ik ook weer, laat maar. 

Nu denk ik dat gelukkig niet meer, met dank aan twee dingen: ten eerste mijn eigen hoofd, die steeds meer zichzelf vindt en zichzelf durft te zijn; ten tweede mijn omgeving, die steeds meer niet-heteronormatief wordt. Ik omring me steeds meer met mensen bij wie ik me meer thuis voel. Die omgeving vond ik de afgelopen jaren vooral online, en wat ben ik daar toch een potje blij mee zeg!

Mijn geaardheid is dus, ook voor mezelf, al lang geen geheim meer. Ik praat er open en eerlijk over, maar: alleen áls het er toevallig over gaat en als ik me veilig voel. Ik heb er nog nooit “een momentje voor gepakt”. En dat doe ik nu toch maar wel eens, want misschien herkennen mensen zich er wel in. Daarnaast probeer ik te denken, nee – te weten, dat ik het waard ben ook een plekje in te nemen.

Het zou goed kunnen dat je nu verbaasd bent: wat? Ben jij niet hetero dan? Ik dacht van wel, huh.

Kijk. Dat is dus een perfect voorbeeld van heteronormatief denken. En het is niet erg, ik neem het je niet kwalijk, maar sta er even bij stil. En neem dan je verantwoordelijkheid.

“Maar Michelle, wat ís je geaardheid dan?” vraag je je misschien toch af. Er valt een en ander te zeggen over iemand vragen naar hun geaardheid, maargoed, één ding tegelijk. Dus, sure, ik zal eens antwoord geven. Komt ‘ie hoor:

Ik weet het niet. Echt, ik zou het niet weten. Maar gelukkig ook weer wel. Dat zit zo:

Ik weet niet precies welk “labeltje” bij me past. Ik weet alleen vrij zeker dat “hetero” het niet is. Dus, tsja, ben ik dan bi? Queer? Het plusje in de afkorting LGBTQIAP+? Ik weet het niet precies. Soms probeer ik het uit te zoeken, maar meestal denk ik: boeiend, ik merk het vanzelf wel. Ik weet welke mensen ik wel of niet leuk vind en ik weet dat die allerlei genderidentiteiten kunnen hebben. Denk ik. Eh… 

Ik accepteer nu dus dat ik het niet precies weet, maar dat is niet altijd zo geweest. Toen ik steeds vaker realiseerde dat het label “hetero” niet bij me past, werd ik daar best gestrest van. Wat nu? Welk labeltje dan wel? O grut ik moet een labeltje, anders weet ik niet waar ik aan toe ben. Moet ik nu op onderzoek uit? Maar jeetje hoe dan? En wanneer dan?

Soms ben ik echt wel benieuwd naar antwoorden op die vragen, want het gaat toch zeg maar over je identiteit, maar ondertussen heb ik bedacht dat ‘ik weet het niet precies’ en ‘boeiend, ik zie wel’ ook gewoon prima zijn.

Heb ik nog een boodschap? Ja, zo veel. Dit is er eentje: wees je bewust van je eventuele heteronormatieve denkpatroon. Neem niet automatisch aan dat iemand hetero is totdat je eventueel hoort dat dat niet zo is. (Hetzelfde geldt trouwens ook voor bijvoorbeeld genderidentiteit.) Zolang die aannames zo sterk blijven bestaan, blijven mensen die niet hetero zijn zich anders/onveilig/niet welkom voelen en moeten we elke keer weer uit een kast komen.

Heteronormatief denken zit er, in ieder geval bij mij, behoorlijk diep in – ik ben ten slotte opgegroeid in zulke omgevingen. Ik geef mezelf daar dan ook niet volledig de schuld van, maar – en dit is belangrijk – nu ik meer leer over hoe het wel zit (en jij wellicht ook bij het lezen van dit verhaal) ben ik wél verantwoordelijk voor mijn gedachtepatroon en het veranderen ervan. Ik hoop dat jij die verantwoordelijkheid ook voelt.

“I’m a girl, so I can’t do science.”

In this blogpost you can find the essay I wrote on gender-science stereotypes and how we can debunk them. Just click the link below.

This essay was displayed as a poster during the Gender & Diversity Summer School at the University of Groningen. Thank you for this opportunity!

Please keep in mind that you are not allowed to share or copy any of the contents without my consent.

Im a girl so I cant do science – essay

Vrijdag 13 november 2015, een bizarre dag

Dit verhaal gaat over mijn vrijdag 13 november 2015. Ik weet: die dag ging helemaal niet over mij. Die dag ging over heel veel andere mensen. Toch, ik had behoefte om over mijn herinnering te schrijven en daar rolde dit verhaal uit. Ik twijfelde of ik het online moest zetten, want ik had het vooral voor mezelf geschreven. Totdat ik dacht: waarom twijfel ik? Voor mij is het niet geheim en ik vind het fijn om erover te praten. En als je het niet wilt lezen, dan niet, evenveel liefde. 

Zoals ieder jaar was november 2015 een drukke maand wat betreft concerten. De meeste én beste concerten zijn altijd in het najaar. Vorig jaar ging ik onder andere naar Stereophonics in Paradiso, Editors in de HMH en Oscar and the Wolf, ook in de HMH. En dat concert was op vrijdag 13 november 2015.

Ik ken Oscar and the Wolf via 3fm, een radiozender waar ik veel artiesten ‘ontdek’. Toch ging ik niet direct veel naar de band luisteren. Blijkbaar trok het niet genoeg mijn aandacht. Opeens werd er een concert van ze aangekondigd in de HMH, een grote zaal. Huh? Staat die band in de HMH? Wat heb ik gemist?

Mijn interesse was gewekt en nu snap ik niet meer waarom de band eerst mijn aandacht niet trok. Wat is dit gaaf! Oscar and the Wolf is toen in heel korte tijd uitgegroeid tot een van mijn favoriete bands. Natuurlijk kocht ik een kaartje voor het concert. Nét op tijd, want een dag later was het uitverkocht.

Het was vrijdagmiddag, 13 november 2015, en ik reisde in mijn eentje met de trein naar Amsterdam. Ik weet nog goed dat ik twee chatgesprekken voerde. Het eerste was met de jongen met wie ik toen twee dates had gehad en het tweede was met een van mijn liefste vriendinnen. Het eerste gesprek was hilarisch. Het tweede gesprek was verschrikkelijk. Ze vertelde dat een oud-klasgenootje van me in coma was geraakt. Hij zou nooit meer wakker worden. Ik schrok me kapot. Wat ongelofelijk kut en oneerlijk. (Hoe dit allemaal zit is een lang verhaal, misschien voor een andere keer.) Ik vertel het nu om mijn emoties te schetsen. Want hoe kon ik nu nog genieten van een concert?

Ik knuffelde de vrienden met wie ik in Amsterdam had afgesproken en we hadden het er even over. Daarna probeerde ik het te vergeten, want ik kon er op dat moment niets mee. Dat lukte een beetje. Af en toe dacht ik opeens aan die oud-klasgenoot en dan schrok ik weer. Dan werd ik boos en verdrietig. ‘Focus Mies, dit is een ontzettend gaaf concert’, dacht ik dan. Want ja, dat was het: een geweldig concert. Bazart stond in het voorprogramma en dat was tof. Oscar and the Wolf maakte er vervolgens een onwijze show van. Ze hadden alle mogelijke tierelantijntjes uit de kast getrokken en speelden alsof hun leven ervan afhing.

Oscar and the Wolf, sharing the love

Het was gelukt: ik had grotendeels van het concert kunnen genieten. Het optreden van Oscar and the Wolf was (en is) een van mijn favorieten van het jaar. Met het confetti nog in onze beha’s liepen mijn vriendin en ik naar haar auto.

En toen hoorden we het nieuws op de radio.

Terwijl wij stonden te dansen op Oscar and the Wolf in de HMH, werd er vijfhonderd kilometer verderop, in een andere concertzaal, een terroristische aanslag gepleegd.

Er werden die avond honderddertig mensen vermoord in Parijs, van wie 89 mensen in de Bataclan. Hoe en wat precies zal ik hier niet herhalen. Dat weten jullie vast. Het lukt me ook niet goed om dit gevoel op te schrijven. Dit is verschrikkelijk. Dit is eng. Dit is onnodig. En zo kan ik nog doorgaan, maar ondertussen kan ik het niet omvatten in woorden.

De Bataclan is qua grootte vergelijkbaar met Paradiso, een concertzaal waar ik heel graag kom. Het concert in Parijs was van Eagles of Death Metal, een band die ik een paar keer met veel plezier live zag spelen.

Nooit raakte een terroristische aanslag mij harder dan die avond. Wat als de Islamitische Staat niet de Bataclan, maar de Heineken Music Hall had uitgekozen?

Dit is hypocriet om te zeggen en het ligt véél ingewikkelder dan dat. Dat weet ik, dat besef ik. Maar die vraag hierboven vind ik ontzettend eng. Een vriendin was die avond in Parijs en deed verslag via sociale media. Nooit eerder kwam een terroristische aanslag zo dichtbij.

Ik besefte dat het echt was. En dat ik op moet letten. Maar ik besefte ook dat ik lief wil hebben. En dat ik me nooit door zoiets wil laten tegenhouden. Ik wil zonder angst naar concerten kunnen gaan.

Want live muziek is een van de mooiste dingen die er bestaan.

Over iets meer dan drie weken mag ik weer naar Oscar and the Wolf. De band is inmiddels zo groot dat ze stadions vullen in België, maar nu komen ze naar Paradiso. Dat zal een bijzondere en leuke avond zijn, maar ook een avond met een dubbel gevoel. Ik zal ongetwijfeld even om me heen kijken, ‘op zoek’ naar mensen met enorme geweren. Dat doe ik, sinds een jaar geleden, bij elk concert wel een keer. Maar echt bang? Dat ben ik gelukkig niet.

Dit is een konijnenboek

1

Een paar weken geleden vond ik dit “boek” bij mijn ouders, ergens in een verhuisdoos. Ik schreef het toen ik in groep 2 zat en mijn schrijfskills waren al fantastisch. Nee maar echt. Oké, niet echt, maar dit is zo schattig! Ik begon vaak vol enthousiasme aan iets creatiefs, maar het kostte enorm veel energie (perfectionist, zelfs toen ik 5 was al) en mijn geduld raakte meestal al snel op. Dat zie je ook in dit boekje…

Lees verder